
Na meer dan twee decennia van toegewijde leiding, treedt Kees van Oostenrijk terug als dagelijks eindverantwoordelijke van het reilen en zeilen van RecyBEM, de organisatie die verantwoordelijk is voor de inzameling en duurzame recycling van afgedankte autobanden in Nederland. Hij blijft als BEM-adviseur en ambassadeur verbonden aan de missie van Band en Milieu. Onder zijn leiding is RecyBEM uitgegroeid tot een modelorganisatie, die in Europa met bewondering wordt bekeken.
Het is niet alleen een erkenning voor Kees van Oostenrijk, maar ook voor de unieke benadering van samenwerking tussen verschillende partijen voor de uitvoering van producentenverantwoordelijkheid in Nederland. Met Kees van Oostenrijk terugblikken op ruim twintig jaar RecyBEM en Band&Milieu heeft onherroepelijk ook iets van vooruitkijken. "De opdracht voor de toekomst ligt immers in het verleden", zo filosofeert hij. De oprichting van RecyBEM In 2004 werd RecyBEM opgericht door bandenleveranciers als antwoord op de verantwoordelijkheden uit het Besluit beheer autobanden. Daar was een lang proces van voorbereiding en gesprekken met onder andere de overheid aan vooraf gegaan. Sindsdien heeft Kees van Oostenrijk de organisatie geleid met een duidelijke visie: een eenvoudig, doelmatig en effectief systeem opzetten dat weinig bureaucratie kent en met beperkte middelen en mankracht werkt. "Een echt Nederlands systeem, pragmatisch, hands-on, lean en mean, maar met alle benodigde certificaten, monitoring, auditing en kwaliteitswaarborgen" aldus Kees van Oostenrijk, dat maximale effectiviteit biedt tegen lage kosten. Maar de oprichting van RecyBEM/Vereniging Band en Milieu was geen gemakkelijke opgave. Er moesten serieuze uitdagingen overwonnen worden, en het smeden van een verbond tussen verschillende belanghebbenden was cruciaal. Met name de deelname van de twee grootste bandendistributie-organisaties Van der Ban en Intersprint, tegenwoordig de GAIH-groep, Global Automotive Investment Group, was van groot belang bij de oprichting voor een goede cohesie voor dit initiatief in bandenland. "Het maakte ons unieke en we onderscheidden ons daarin als End-of-life-tyre management company, om in het banden jargon te spreken. Toch bijzonder, want een 100% dekkend inzamelsysteem vraagt om deelname van alle distributiebedrijven in de bandenketen van een land, en eigenlijk ook op Europees niveau. En zeker op bestuursniveau. Al is het alleen maar omdat zeker 25% van de banden in Europa wordt geïmporteerd", aldus Kees van Oostenrijk.
De kracht van samenwerkingKees van Oostenrijk benadrukt het belang van samenwerking: "Voor een goed functioneren van ons systeem moeten wij blijven zoeken naar goede toepassingen voor de waardevolle grondstoffen die we produceren uit gebruikte autobanden." Daarvoor is samenwerking essentieel, niet alleen in Nederland, maar ook op Europees niveau. De circulaire milieuwaarde van autobanden moet voortdurend worden verbeterd, een taak waar nog veel werk aan de winkel is. Het adagium moet zijn "Van Afval naar Waarde, ook in nieuwe Banden. Daar moet alles op gericht zijn." Bij de start van RecyBEM was duidelijk dat het oplossen van het logistieke vraagstuk rondom bandeninzameling en -verwerking vooralsnog een prioriteit was. Kees van Oostenrijk reflecteert: "We hebben in het begin veel energie gestoken in het oplossen van dit vraagstuk. Inmiddels is onze aandacht verlegd naar de fase erna, want de logistiek van de inzameling met vervolgens sortering en verwerking door gecertificeerde partijen is goed georganiseerd. Dat hoofdstuk staat, maar het boek met als eind dat we hoogwaardige grondstoffen winnen die op grote schaal virgin grondstoffen vervangen is nog lang niet dicht, we zijn misschien nog niet eens halverwege. Na ruim 20 jaar hebben we bereikt, dat in Nederland en Europa voor iedere nieuw verkochte band een gebruikte band wordt ingenomen in samenwerking met onze EU-collega's. 1 x oud voor 1 x nieuw. Dat betekent, dat er jaarlijks evenveel gebruikte grondstoffen worden teruggenomen als dat er nieuw worden verkocht in Banden. Een unieke prestatie van een unieke productensector! De uitdaging is nu 100% hergebruik en recycling, dus 100% verduurzaming."
Innovatie en toekomstvisieDe toekomst van RecyBEM ligt in de stimulering van de ontwikkeling van chemische recyclingmethoden. Kees van Oostenrijk ziet de noodzaak om meer hoogwaardige grondstoffen te genereren en wijst op de groeiende druk op schaarser wordende grondstoffen zoals rubber. "Als autobandenindustrie willen we die druk verminderen," zegt hij, "onder meer door recycling en recyclaat als duurzaam alternatief voor virgin fossiele grondstoffen." Dit is niet slechts een ambitie, maar een noodzaak die de sector aan het hart gaat. Kees van Oostenrijk richt zich op de verantwoordelijkheid die de sector heeft: "Wij hebben als sector de verantwoordelijkheid om te zorgen dat we de juiste keuzes maken. De stapjes zijn klein en kosten veel tijd en energie, maar met een belangrijk doel voor ogen willen wij allemaal een betere, schone, groene wereld."
De rol van technologieEen van de meest veelbelovende innovaties is devulkanisatie, die het mogelijk maakt om tot veertig procent van het afgedankte rubber te hergebruiken voor de productie van nieuwe banden, in plaats van het huidige maximum van vijf procent. Ook hier heeft RecyBEM onder leiding van Kees van Oostenrijk belangrijk werk verricht. Kees van Oostenrijk vertelt over het succesvolle onderzoek van de TU Twente, waar deze technologie is ontwikkeld. "Het is nu aan de markt om devulkanisatie verder uit te bouwen," benadrukt hij. "Dankzij dit proces gaan er veel minder grondstoffen verloren."
Samenwerking met overheid en wetenschapKees van Oostenrijk stelt dat doorbraken in nieuwe technologieën zoals devulkanisatie en pyrolyse alleen mogelijk zijn als de industrie samenwerkt met de overheid en wetenschappelijke instellingen. "De overheid moet regie houden," zegt hij, "en de
industrie moet zijn producentenverantwoordelijkheid waarmaken." Dit gezamenlijke optrekken is essentieel voor het realiseren van een circulaire toekomst. Een goede taakverdeling is "de overheid denkt mee en wij doen. De overheid moet niet gaan doen onder het denken, maar wij moeten vooral wel blijven denken onder het doen. Vooral over de vraag "wat kan wel en wat kan niet?" Wat moet wel en wat moet niet, en waarom niet?"
Met de ervaring van meer dan twintig jaar aan de leiding van RecyBEM, kijkt Kees van Oostenrijk niet alleen terug op wat bereikt is, maar ook vooruit naar wat nog komen moet. "In de komende tien jaar verwacht ik dat we veel kunnen bereiken," zegt hij, "dat moet, dat vraagt de maatschappij van ons." Zijn visie voor de toekomst is helder: een circulaire economie waarin autobanden niet alleen een product zijn - dat als absolute prioriteit veiligheid op de weg moet garanderen onder alle omstandigheden onderweg naar morgen -, maar ook een bron van waardevolle grondstoffen die opnieuw kunnen worden gebruikt. Kees van Oostenrijk's leiderschap bij RecyBEM heeft niet alleen de organisatie vormgegeven, maar ook een belangrijke bijdrage geleverd aan de verduurzaming van de autobandenindustrie in Nederland. Met zijn overstap naar de rol van adviseur en ambassadeur blijft hij een onderdeel van RecyBEM en daarmee ook van de vervolgweg met nieuwe mogelijkheden en uitdagingen voor de toekomst van recycling en circulaire economie in Europa.
Tot slot"Een autoband is bij uitstek een product met fossiele grondstoffen. Een hoogtechnologisch product gemaakt van waardevolle grondstoffen met als hoofdfunctie: absolute veiligheid en rijcomfort onderweg. Zo'n autoband maken, gaat niet/nooit zonder NatuurRubber in combinatie met synthetisch rubber en andere materialen. NatuurRubber is niet eindeloos beschikbaar, maar wel de bio-base van het product band! Het synthetische rubber en de carbon black/koolstof zijn virgin fossiele grondstoffen,
waar we als maatschappij van af willen/moeten, maar vertegenwoordigen ook rond de 40% van de grondstoffen van een band. Die moeten we dus, indien mogelijk gaan vervangen! Dat kan echt alleen maar met behulp van recyclaat uit gebruikte banden, en niet anders. Daarvoor hebben we echt mechanische recycling- en nieuwe chemische recycling-technologie – devulcanisatie en pyrolyse – nodig. Met behoud van levensduurverlenging en loopvlakvernieuwing van Banden. In die zin is de Ladder van Lansink uit 1978 nog steeds actueel, ook al heet die anno 2025 ook de R-Ladder, of in Global Tyre Language, the ELT Waste Hierarchy! We werken er al sinds 1978 aan. En we blijven er nog even aan werken!"