- NL
- EN

"Als RecyBEM hebben we een duidelijke ambitie: het percentage product- en materiaalhergebruik van autobanden richting de 100 procent brengen. Die doelstelling is niet nieuw en we zijn dichtbij het behalen van het gewenste resultaat,", zo schrijft RecyBEM-directeur Joost Kester in zijn maandelijkse blog.
We mogen er trots op zijn dat we zo goed als 100% product- en materiaalhergebruik realiseren. Tegelijkertijd zien we ook dat de weg naar een volledig circulaire toekomst nieuwe uitdagingen met zich meebrengt. Hoe zorgen we ervoor dat iedereen erop kan vertrouwen dat autobanden zo hoogwaardig mogelijk verwerkt blijven worden?
Een van de grootste uitdagingen de komende jaren voor het behoud van het huidige percentage product- en materiaalhergebruik is de geleidelijke afbouw van het gebruik van rubbergranulaat als infill op kunstgrasvelden. Binnen een aantal jaren zal deze belangrijke afzetmarkt verdwijnen. Dat is jammer. Niet alleen omdat deze toepassing vanuit sporttechnisch oogpunt nog altijd tot de beste behoort, maar ook omdat rubbergranulaat als infill kostenefficiënt voor de gebruiker is. Bovendien weten we dat de verspreiding van microplastics met de juiste beheersmaatregelen sterk kan worden beperkt.
Toch moeten we het als sector doen met deze realiteit en verder kijken dan de voordelen van vandaag. Juist doordat infill op kunstgrasvelden zo’n grote afzetmarkt is, maakt het op termijn verdwijnen ervan ook duidelijk hoe kwetsbaar een circulair systeem kan zijn. En precies daarom blijft RecyBEM vasthouden aan de koers richting 100 procent product- en materiaalhergebruik. Niet ondanks, maar juist vanwege die realiteit.
In andere Europese landen zien we dat een groter deel van afgedankte banden wordt ingezet in de cementindustrie. Voor sommigen is dat een logische route. Voor RecyBEM ligt dat anders. Wij beperken die stroom juist bewust, omdat wij deze toepassing zien als een gemiste kans voor het hergebruik van waardevolle grondstoffen uit autobanden. Wie banden verbrandt als brandstof, benut weliswaar nog een deel van de energetische waarde, maar verliest materialen die ook hoogwaardiger opnieuw ingezet kunnen worden. En als we circulair willen zijn, moeten we juist daarop sturen.
Onze voorkeur is vanzelfsprekend om banden en bandenmaterialen zo veel mogelijk binnen Europa een hoogwaardige nieuwe bestemming te geven. Maar de praktijk is weerbarstig. De beschikbare verwerkings- en toepassingscapaciteit in Europa is nog niet altijd toereikend om alle vrijkomende materialen optimaal te verwerken. Daarom heeft RecyBEM ook een recycler in India goedgekeurd voor hoogwaardige recycling. Zij maken het mogelijk dat rubbergranulaat wordt toegepast in nieuwe infrastructuur.
Het goedkeuren van een verwerker doen we niet lichtvaardig, niet zonder meer. Export buiten Europa brengt immers extra risico’s met zich mee op het gebied van controleerbaarheid en traceerbaarheid. Juist daarom werken wij met onze uniforme kwaliteitscertificering. Dezelfde controleur die ook de certificering in Europa verricht heeft een audit uitgevoerd bij de Indiase vestiging van de recycler. Daarnaast moeten vrachten naar India expliciet worden gemeld, zodat we extra waarborgen inbouwen en risico’s verder beperken.
Onze aanpak vraagt inspanning, maar is het waard. Want alleen door streng te blijven sturen op kwaliteit en transparantie kunnen we ervoor zorgen dat autobanden zo hoogwaardig mogelijk verwerkt blijven worden. En dat is waar het uiteindelijk om draait.
De circulaire toekomst vraagt om keuzes die verder gaan dan de korte termijn. Soms betekent dat afscheid nemen van vertrouwde afzetmarkten. Soms betekent het investeren in strengere voorwaarden en nieuwe ketens. Maar één ding verandert niet: onze overtuiging dat autobanden een bron zijn van waardevolle grondstoffen. Door daarop te blijven focussen, zetten we als RecyBEM de juiste stap richting een circulaire toekomst.
— Joost Kester
Directeur RecyBEM